- 1. Begin bij het moment waarop je nu langs alle schakelaars loopt
- 2. Een avondstand draait vooral om onderlinge verhoudingen
- 3. Warm en koel wit zijn nuttiger dan iedere avond een andere kleur
- 4. Automatiseer alleen wat werkelijk voorspelbaar is
- 5. Denk pas over wifi en Zigbee na als je weet hoe groot het systeem wordt
Een woonkamer kan om vier uur ’s middags een werkplek zijn en drie uur later de plek waar je met een boek op de bank zit. De meubels zijn hetzelfde, maar van de verlichting verwacht je iets anders. Toch bestaat de bediening in veel huizen vooral uit een rondje langs verschillende schakelaars.
Juist daar kan verlichting slimmer worden zonder dat een interieur er technisch uit hoeft te zien. De lamp boven de eettafel, een mooie vloerlamp en de spots in een kast kunnen gewoon onderdeel van de inrichting blijven. Het verschil zit in de manier waarop je ze samen gebruikt.
Begin bij het moment waarop je nu langs alle schakelaars loopt
Een handige vraag is wat je iedere avond opnieuw doet. Misschien gaat na het eten de grote lamp boven de tafel uit, dim je twee lampen in de woonkamer en blijft alleen de leeslamp bij de bank wat sterker branden. Als vrijwel dezelfde handelingen dagelijks terugkomen, ligt daar een logische plek voor automatisering.
Met slimme verlichting kunnen geschikte lampen onder meer worden gedimd, van lichtkleur veranderen en in tijdschema’s of scènes worden opgenomen. Daardoor hoef je niet ieder lichtpunt afzonderlijk opnieuw in te stellen. Eén scène kan bijvoorbeeld de combinatie bewaren die je prettig vindt voor een rustige avond.
Dat werkt beter dan zomaar alle lampen op dertig procent zetten. Verschillende lichtbronnen hebben immers verschillende taken. Een lamp waarbij je leest mag sterker blijven, terwijl verlichting die alleen een wand of kast laat uitkomen veel zachter kan staan.
Een avondstand draait vooral om onderlinge verhoudingen
Goede sfeerverlichting betekent niet dat alles zo donker mogelijk moet worden. Een kamer oogt juist interessant wanneer er verschil zit tussen lichte en donkere delen. De eettafel hoeft niet evenveel aandacht te krijgen als de zithoek wanneer niemand er meer zit.
Kijk daarom naar de ruimte in zones. Welke plek gebruik je op dat moment? Welke materialen of meubels mogen zichtbaar blijven? En welke verlichting kan juist wegvallen?
Stel dat er naast de bank een vloerlamp staat, achter de televisie indirect licht zit en boven de eettafel een hanglamp hangt. Tijdens het eten kan de tafel het helderste punt zijn. Later op de avond verschuift dat naar de zithoek. De armaturen blijven precies waar ze waren; alleen hun verhouding verandert.
Dat is ook een goede reden om niet ieder lichtpunt automatisch slim te maken. Een lamp die vrijwel altijd op dezelfde manier wordt gebruikt, heeft misschien helemaal geen extra bediening nodig. Begin met de lampen die gedurende de dag daadwerkelijk van functie veranderen.
Warm en koel wit zijn nuttiger dan iedere avond een andere kleur
Gekleurd licht trekt snel de aandacht wanneer slimme lampen worden gedemonstreerd. Voor een interieur zijn verschillende tinten wit vaak interessanter. Bij geschikte lampen kan de kleurtemperatuur worden aangepast van warmer naar koeler licht.
Warm wit kan ’s avonds prettig aansluiten bij hout, stoffen, zachte wandkleuren en andere materialen die je juist vanwege hun warme uitstraling hebt gekozen. Neutraler of koeler wit kan op een ander moment praktisch zijn wanneer je aan tafel werkt of meer helderheid wilt.
Daarbij hoeft niet iedere lamp in de kamer voortdurend van kleurtemperatuur te veranderen. Soms is één vaste warme schemerlamp juist mooi als herkenbaar onderdeel van het interieur. Slimme functies zijn het meest geslaagd wanneer ze de bestaande inrichting ondersteunen in plaats van laten zien hoeveel instellingen er beschikbaar zijn.
Automatiseer alleen wat werkelijk voorspelbaar is
Een lamp iedere dag om precies 20.00 uur laten dimmen klinkt handig, totdat je op een zomeravond nog buiten zit of juist in de winter om zes uur al behoefte hebt aan ander licht. Niet iedere gewoonte is geschikt voor een vast tijdstip.
Scènes die je zelf activeert geven dan meer vrijheid. Een vaste combinatie voor eten, lezen of de late avond kan handig zijn zonder dat het huis bepaalt wanneer dat moment begint. Voor andere situaties kan een tijdschema of koppeling met een sensor juist wel logisch zijn.
Hetzelfde geldt voor bediening. Een telefoon is handig om instellingen te maken, maar je wilt niet per se voor iedere simpele handeling een app openen. Slimme verlichting kan ook worden gecombineerd met geschikte schakelaars, sensoren en spraakassistenten. Welke bediening prettig is, hangt uiteindelijk af van wie er in huis woont en hoe vanzelfsprekend de verlichting moet blijven werken.
Denk pas over wifi en Zigbee na als je weet hoe groot het systeem wordt
Voor een paar slimme lampen hoeft de techniek achter het systeem geen hoofdrol te spelen. Wifi-lampen kunnen rechtstreeks verbinding maken met het wifinetwerk en hebben geen aparte Zigbee-hub nodig. Dat maakt ze laagdrempelig wanneer je eerst één ruimte wilt aanpakken.
Zigbee-verlichting gebruikt wel een geschikte hub. Dat wordt vooral relevant wanneer je meerdere slimme lampen en andere apparaten in één systeem wilt combineren. Wie plannen heeft om later ook sensoren en schakelaars toe te voegen, kijkt daardoor anders naar die keuze dan iemand die alleen de verlichting boven de eettafel slimmer wil bedienen.
Het is daarom verstandiger om klein te beginnen dan meteen het hele huis van nieuwe techniek te voorzien. Kies één ruimte waar je nu regelmatig met lichtstanden bezig bent en maak daar twee of drie combinaties die echt verschil maken.
Na een tijdje hoort de techniek nauwelijks nog op te vallen. Je merkt vooral dat de eettafel helder is wanneer je eraan werkt, de zithoek ’s avonds zachter wordt en je niet meer langs vijf schakelaars hoeft voordat de kamer prettig aanvoelt. Precies dan doet slimme verlichting wat ze in een stijlvol interieur zou moeten doen: aanwezig zijn in het effect, niet in de aandacht.
Meer privacy in een open woonkamer zonder de ruimte af te sluiten
De bouwkundige staat van je huis: wat je controleert voor je gaat verbouwen
Een nieuw gazon aanleggen: wat je moet weten voordat je begint